16 Oktober

Eindelijk de Big 5 compleet!

Vanmorgen na een koude nacht wakker geworden in een heel kleine wereld. Gingen we nog slapen onder een heldere sterrenhemel, het opstaan gebeurde in een volledig mistige omgeving. De wind was gelukkig gaan liggen, maar de mist maakte het toch nog behoorlijk fris.
Door de mist (of bewolking?) was 's nachts alles vochtig geworden. De stoelen zelfs kletsnat zodat we het ontbijt grotendeels staand genuttigd hebben. Deze keer voor het eerst geen fruit bij het ontbijt, en dat vond ik eigenlijk niet erg. Ik ben best een behoorlijke fruit eter, maar dit is soms wel een beetje too much.

Na het ontbijt de tassen gepakt want behalve een bezoek aan de Ngorongoro krater stond vandaag ook de transfer naar Tarangire NP op het programma. Gelukkig hebben we gisteren reeds foto's genomen van de krater vanaf de krater rand, want deze ochtend was er totaal niets te zien. Na een tijdje rijden kwamen we aan bij de ingang van de krater waar we de steile afdaling naar beneden begonnen. Halverwege trok de mist op (of wij zakten er doorheen) en konden we de hele krater zien. In één woord een geweldig uitzicht. Net een grote soepkom. Met een dekseltje van bladerdeeg dan op dit moment, want de mist/bewolking lag echt als een dekseltje over de krater heen.

Eenmaal beneden aangekomen begon zowaar de zon te schijnen, terwijl de kraterranden nog duidelijk in de bewolking gehuld was.
De krater huisvest erg veel wilde dieren, en al gauw hadden we dan ook leeuwen, gazelles, zwijnen en buffels gespot. Het hoogtepunt van ons bezoek zou echter ook al snel volgen: De neushoorn, het ontbrekende schakeltje in onze big-5 van deze safari. Ze stonden wel wat ver weg, maar ook op afstand waren de imposante hoorns op de kop duidelijk te zien.
Doordat de afstand zo groot was hebben we niet zo lang stilgestaan bij deze dieren. Plots zagen we meerdere safari auto's met een rotgang dezelfde kant op rijden. Uiteraard gingen wij er achter aan. Op het oog leek er niets aan de hand,  een buffel die in het zonnetje lag. Maar vanaf een afstandje kwam een leeuwin richting de buffel geslopen. Stukje lopen, liggen, stukje lopen, liggen. Het leek er serieus op dat de leeuwin honger had en de buffel wilde gaan aanvallen. De wind stond gunstig en de buffel lag met de rug richting haar. William zei echter al meteen dat als er actie zou komen, deze veroorzaakt zou worden doordat de buffel zich omdraait en achter de leeuwin aan zou komen. De leeuwin zou in haar eentje nooit een buffel aanvallen. Ondanks stiekeme hoop kreeg William helaas gelijk. Na 10 minuten sluipen (onder toeziend oog van mensen in ongeveer 50 safari auto's) gaf de leeuwin het op en droop ze af. Helaas voor ons.

De lunch werd ditmaal niet op een verlaten heuvel genuttigd, maar op de enige toegestane picknickplaats in de krater, het was hier dus erg druk. William waarschuwde ons het eten binnen de auto te nuttigen omdat hier vogels rondvliegen die het gemunt hebben op de lunchpakketjes. Terwijl wij van ons lunchpakket (biefstuk, sandwich kaas-wortel, ei, chocolade, zoete aardappel en mangosap) en van het uitzicht over een mooi watertje zaten te genieten kwam er ineens een olifant de picknickplaats op zetten die op zijn dooie gemak het water in wandelde. Het blijven imposante dieren om van zo dichtbij te kunnen zien.

Na de lunch (we zaten lange tijd te hopen op een aanval van de vogels op de lunchpakketjes van de minder voorzichtige medemens) was het tijd om de krater te verlaten. Via een extreem steile helling (auto moest op het differentieel) zijn we naar boven gereden. Gelukkig was de bewolking nu geheel opgetrokken zodat we nu wel van de prachtige uitzichten over de krater konden genieten. Na deze beklimming zijn alle 'moeilijke' bergpassen in Oostenrijk voortaan een makkie.
Vanaf de rand van de krater ging in weer naar beneden richting het Tarangire NP waar we deze nacht onze tenten zouden opslaan. Vanaf het moment dat we de zandpaden weer achter ons lieten vloog William met een snelheid van rond de 140 per uur over de weg. William had flinke haast omdat de crew geen toestemming kreeg alvast het Tarangire park in te rijden en dus op hem stonden te wachten.

Na twee uurtjes zenuwachtig crossen (de zenuwen kwamen van de wedstrijd NEC - vite$$e die ondertussen gespeeld werd en waarvan ik erg veel Sms'jes kreeg) kwamen we aan bij de poort van het park. Onderweg hadden we nog even een korte plaspauze gehad met prachtig uitzicht over lake Manyara. Toen we vanaf daar weer net onderweg waren dacht Bert dat hij zijn zonnebril had laten liggen bij het uitzichtspunt. Toen William omgedraaid was vond Bert zijn zonnebril weer zodat we verder konden richting Tarangire.
Bij de poort van het Tarangire NP stond de crew al op ons te wachten. William regelde snel alle papieren zodat we allemaal het park in konden. De crew ging op weg om de tenten op te zetten, wij gingen direct een gamedrive doen door het park.

Opvallend aan dit park is het grote aantal bapao* bomen. De Baobab is een enorm brede boom die hier ook wel upsidedown trees genoemd worden omdat het net lijkt dat de boom op de kop staat met de wortels in de lucht.
De bomen worden veel gebruikt door de talrijke olifanten in het park om hun zij te krabben en als voer. De bomen zien er in veel gevallen dan ook flink vernield uit.
Vlak voordat we bij de public campsite aankwamen lag er een overleden zebra langs de weg die als avondeten (voor de komende weken) werd gebruikt door een twintigtal gieren. De gieren maakten er een heel spektakel van door elkaar continu te verjagen. Na een tijdje kijken moesten we toch echt verder omdat we voor zonsondergang op onze campsite moesten zijn.
De campsite bestond uit een keukengebouw met douche/wc gebouw, en natuurlijk onze tenten. Een stukje verderop waren nog wat kleine tentjes te zien. Het campsite werd door een ranger bewaakt voor de bescherming van ons, maar ook om stropen tegen te gaan.
We konden al snel aan tafel voor het avondeten. Vanavond een gemengde groentesoep met daarna stukken vlees met sla, frietjes en een soort deegbollen waar weinig smaak aan zat.
Het eetcomfort werd verstoord door een enorme insectenpopulatie in het park. Torren van bijna tien centimeter groot wandelden door de tent heen en er vloog van alles om ons heen . De partytent was versierd met insecten.

Als toetje kregen we een hele mooie geglazuurde taart met daarop de tekst "Gommers Family". De taart was erg lekker, wat een prestatie met de beperkte middelen die men voor handen had in het kamp. Na het eten kregen we van William een tevredenheids enquête die we naar waarheid invulden alvorens we gingen slapen. Liegen was ook niet nodig, want de tevredenheid over de reis is groot bij iedereen.

* Laura taal voor Baobab bomen